Geschiedenis of, hoe het allemaal begon...

Het Vriendenkoor 1882 is het oudste mannenkoor van Maastricht, namelijk op 6 juli 1882 werd het koor opgericht. Het bestond uit 22 vrienden, die er samen de schouders onder zetten. Het hoofd van de openbare school, W. Smeets, werd dirigent.

Drie jaar na de oprichting nam men reeds deel aan een groot zangconcours in Luik, vooralsnog zonder prijs. De dirigent trok er consequenties uit en gaf de stemvork over aan L. Frissen. Die kon wél voor succes zorgen, onder andere in 1901, bij een muziekfeest van de Staar (derde prijs) en 1902 in Den Haag (tweede prijs van veertien deelnemers). In 1907 - het Vriendenkoor bestond 25 jaar - organiseerde men zelf een concours waarop maar liefst 28 collega-verenigingen afkwamen. Limmel was te klein! In 1911 kreeg het koor de Koninklijke goedkeuring.

Aan het tijdperk Frissen kwam echter een einde, nadat het koor van een concours te Eindhoven in 1911 met lege handen huiswaarts keerde. Er volgde een malaise die tien jaar duurde, maar werd beëindigd door de benoeming van onderdirecteur A. Loontjens van De Lauwerkrans tot dirigent. Hoogtepunt in die periode was toen het Vriendenkoor in 1925 bij de eerste spade van het Julianakanaal zong voor Koningin Wilhelmina en Prinses Juliana. Later zong het koor in het Gouvernement voor de Koningin en de Prinses bij de opening van het kanaal in 1935. In die tijden was het een topkoor, getuige de eerste prijzen te Luik in 1930 bij de Wereldtentoonstelling, later in 1937 te Echt en weer een jaar later te Bergen op Zoom. Het toen ruim tachtig leden tellende koor dook onder bij het begin van de Tweede Wereldoorlog.

Na de oorlog werd de draad meteen weer opgepakt met zo'n veertig leden en nog steeds met Antoine Loontjens als dirigent. Al in 1947 bezocht men in het gebombardeerde Rotterdam het Rotterdams Mannenkoor Kunst en Vriendschap, waarmee daarna meerdere uitwisselingen volgden. E.e.a. was ontstaan uit een motorrijderstreffen. In 1950 mocht het koor Koningin Juliana en Prins Bernhard bij hun bezoek aan Maastricht op de grens van de stad verwelkomen met een serenade. Na een uitbundig gevierd 70-jarig jubileum in 1952, waarbij het dan 37 leden tellende koor een vaandel van de Limmelse bevolking aangeboden kreeg, verliep alles wat moeizamer. Men sukkelde af op de crisis begin jaren zeventig, die het Vriendenkoor met zoveel andere verenigingen deelde. Het koor ging te ruste, maar herleefde in 1985 op initiatief van Huub Hoofs, 103 jaar na de oprichting met 24 leden, twee meer dan toen... Er werd weer volop geconcerteerd en de vriendschapsbanden uit de zestiger jaren met het Duitse Okarben bij Frankfurt werden weer aangehaald tijdens bezoeken over en weer.

Het ledenaantal schommelt sindsdien tussen de dertig en veertig, maar voor de noodzakelijke ledenwerving moet wél over de grenzen van de eigen wijk Limmel heen gekeken worden. Anno 2007 bestaat het koor uit ± 35 mannen, die het heerlijk vinden om wekelijks twee uur met elkaar ontspannen muzikaal bezig te zijn onder leiding van dirigent Rob Christiaans. Wat bij dit koor opvalt, is de prima verstandhouding onder de leden. De naam zegt het: VRIENDENKOOR.

We zijn een profaan koor. Ons repertoire omvat vooral gezellige, bekende en niet al te zware muziek. We hebben zo'n tien optredens per jaar, vaak uitwisselingen met andere verenigingen, maar ook eigen evenementen zoals het Voorjaarsconcert in april en het Kerstconcert. Daarnaast optredens bij zorginstellingen. Ook maken we weleens een uitstapje en zingen dan op de plek van bestemming. We zijn sinds 2000 goed bevriend met een Duits mannenkoor in Serrig bij Trier.

Onderdeel van ons repertoire zijn ook kerkelijke gezangen om missen op te luisteren, meestal in de buurten Limmel, Borgharen en Nazareth. We worden ook wel eens gevraagd voor een huwelijksmis of begrafenis.

Een daverend succes hadden we onlangs met het sluitstuk van het 125-jarig jubileum in april 2008, waarin een eigen theaterproductie "Boe moot dat nao tow?" werd uitgevoerd. Een dialectrevue in drie voorstellingen in de vm. stadsschouwburg La Bonbonnière met veel zang en humor. Daarin bewees het Vriendenkoor dat een mannenkoor tot veel meer in staat is dan het zingen in concerten en Missen. De echte bekroning op het jubileumjaar vond plaats na de laatste voorstelling op zondag 27 april toen burgemeester Leers, naast twee persoonlijke onderscheidingen aan de leden Frans Purnot en Huub Hoofs, aan het Vriendenkoor 1882 de Koninklijke Erepenning uitreikte.